Menu Sluiten

Spreken inzake bespreekbaarheid zelfmoord

Cornelie Egelie 113 zelfmoordpreventie

Het is mijn ervaring dat praten over zelfmoordgedachten helpt!

En wanneer dierbaren mij onvoorwaardelijk liefhebben, empathisch luisteren en mij ook nog eens de ruimte bieden, de meest duistere gevoelens toe te laten, lucht dat enorm op.

Ik sprak hierover voor reünisten LSVM in het Groot-Auditorium van het Academiegebouw te Leiden. Het was een eer. Vooral ook door het feit dat ik over dit onderwerp mocht spreken voor een publiek (65+) dat de vuile was liever niet buiten hangt. Na de lezing bleken vele reünisten gevoeliger en ruimdenkender dan ik dacht….❤️

 

Wat ben je dik geworden

 

 

“Wat ben je dik geworden!”

Pardon.

“Ja, je bent echt dikker geworden. Misstaat je niet hoor! Sterker nog, ik vind een bolle toet je eigenlijk wel goed staan.”

Ik kan het niet geloven. Deze mevrouw staat bij de ingang van mijn supermarkt eten in te zamelen voor de voedselbank. Het liefst wil ik haar meteen een dreun verkopen maar dat doe ik niet want ik ben netjes opgevoed. Trouwens, ik zit in een ietwat te hoge stemming en dan is het extra oppassen geblazen met wat ik zeg of doe….

Zal ik deze dame eerlijk vertellen dat ik precies vijf jaar geleden ben ingecheckt bij ‘de Ursula’, het centrum voor eetstoornissen, vanwege een hardnekkige eetverslaving (boulima)? Dat ik daar als 42-jarige tussen lieve flinterdunne en piepjonge meiden weer normaal heb leren eten? Dat ik weet dat ik drie kilo zwaarder ben dan de ‘Wassenaarse norm’ en dat probeer te accepteren. Maar dat ik weer doodonzeker word wanneer mensen over mijn lichaam praten? En dat ik de neiging heb stiekem toch weer op dieet te gaan zodat ik slanker word? Dat ik dit niet meer mag en kan doen omdat ik dan honger krijg? En honger lijden is voor mij geen optie want dat lokt weer vreetbuien uit. Zal ik haar zeggen dat ik eigenlijk extreem dankbaar ben dat ik normaal eet waardoor boulimia op afstand wordt gehouden? Maar dat ik voor altijd een junk in herstel zal zijn?

Zal ik haar dat allemaal vertellen? Daar bij de ingang van mijn supermarkt?

Ik zeg niets. Ik loop door, richting paaseitjes. Ik koop twee grote zakken van een kilo. Een voor de voedselbank en een voor ons gezin. Thuisgekomen vraag ik mijn man mij stevig vast te houden. Ik hunker naar knuffels en lieve woorden. Hij geeft me ook een aai, over mijn (bolle) toet. Die avond ga ik nog eens goed voor de spiegel staan. Ik kijk naar mijn naakte lichaam en glim van trots. Ik heb een prachtig figuur met mooie benen, goed gevulde borsten en een niet zo’n geweldige buik. Oké, mijn buik is niet meer Instagram-proof maar daar hebben wel drie bloedjes van kinderen in gezeten.

‘s Avonds lig ik tevreden op de bank, tegen mijn man aan, en neem nog een handvol paaseitjes. Ik geniet intens van de smaak van chocolade en vanzelfsprekend laat ik ze in mijn lijf zitten. Want vanavond is het feest! Met mijn 47 jaar mag ik in mijn handjes knijpen dat ik een mooi, sportief, zacht en gezond lichaam heb!

 

 

Psychiater nummer 9

“Iedere keer een nieuwe behandelaar doet de vraag rijzen wat behandeling dan nog inhoudt. Een vertrouwd gezicht is wel het minste wat je mensen in psychische nood gunt” (Bram Bakker).

Mijn psychiater gaat weg bij het behandelcentrum. Op zich geen groot drama, er zijn immers ergere dingen in de wereld, maar de relatie die ik met een psychiater heb is intens omdat we zeer gevoelige zaken bespreekbaar maken. Wat een gynaecoloog met een vrouw doet is natuurlijk ook intiem en kwetsbaar maar wat mij betreft op een geheel ander niveau…(ik heb in mijn leven slechts twee gynaecologen gehad).

Mijn psychiater is niet alleen mijn behandelaar maar inmiddels ook een mattie, een grappenmaker en hij is zo gek als een deur (ik durf te beweren dat hij nog gekker is dan ik maar wel met een vlijmscherpe wijsheid waar ik veel respect voor heb).

Ja, ik ga hem missen en uiteraard wens ik hem veel plezier bij zijn nieuwe werkgever waar hij veel meer ondersteuning krijgt en minder te maken heeft met bureaucratie, administratie ‘onzinrompslomp’ en ander geneuzel.

Voorlopig is het nu wachten op psychiater nummer negen, als ik geluk heb, want psychiaters liggen niet voor het oprapen. Ik visualiseer en affirmeer me ondertussen suf voor een hele fijne arts die mij tot aan de dood trouw zal blijven. Ja ik weet het, het is een utopie maar een lijfarts, zoals Bram dat onlangs in zijn rake column beschrijft, lijkt me wel wat….

https://brambakker.com/een-psychiater-is-een-lijfarts/

Café Weltschmerz, in gesprek met Esther van Fenema

Met knikkende knieën schoof ik aan tafel bij psychiater Esther van Fenema. Esther heeft in haar opiniestukken een scherpe tong dus zette ik mij schap. Dat bleek onnodig want Esther is een lieverd!
De kracht van dit gesprek zit hem vooral in de herhaling: ik blijf er namelijk op hameren dat het zinvol is, en zelfs levensreddend kan zijn, wanneer de meest donkere gedachten en gevoelens bespreekbaar worden gemaakt.

Het klinkt dramatisch maar dankzij de pillen, empathie en onvoorwaardelijke liefde ben ik nog in leven!

Gesprek terugkijken? Zie onderstaande link:
Depressie maakt nederig, manie overmoedig. In gesprek met psychiater Eshter van Fenema